Tuchtrecht

Uit Auditpedia
Article/Tuchtrecht
Ga naar:navigatie, zoeken
Article >

Tuchtrecht

Je wilt als accountant natuurlijk graag jouw klant tevreden stellen, maar mag daarbij niet het publiek belang uit het oog verliezen. Om je beroep goed uit te oefenen moet je als accountant de gedrags- en beroepsregels naleven. Die regels zijn bindend, je kunt er dus op worden afgerekend. De gedrags- en beroepsregels zijn minder algemeen dan de dwingende wetgeving die voor iedere burger geldt. En ze zijn minder vrijblijvend dan de ethische principes die bijna iedere beroepsgroep zou moeten volgen.

Wat is tuchtrecht?

Tuchtrechtspraak door Ferry Timp
Tuchtrechtspraak

Kortom, tuchtrecht gaat dus over de naleving en handhaving van de gedrags- en beroepsregels.

Naar aanleiding van een klacht kijkt de tuchtrechter of de accountant onder de gegeven omstandigheden tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld. Door de regels toe te passen op concrete gevallen brengt de tuchtrechter de voorschriften en de fundamentele beroepsbeginselen tot leven. De tuchtrechter corrigeert accountants zo nodig en geeft andere accountants een voorbeeld van hoe het niet of wel moet. Omdat tuchtrechtspraak openbaar is, kan ook de buitenwereld zien wat je wel en niet van een accountant kunt verwachten.

Het doel van tuchtrecht is de kwaliteit van de beroepsuitoefening te bevorderen. In het accountantstuchtrecht beoordeelt de Accountantskamer of een accountant zich heeft gehouden aan de wet- en regelgeving waaraan deze zich beroepshalve moet houden. Beroepshalve betekent dat het vooral gaat om wat de accountant doet in de hoedanigheid van accountant. Als een accountant met een dronken kop een ongeluk veroorzaakt of de levenspartner doormidden zaagt dan worden die feiten beoordeeld volgens het strafrecht. In de privésfeer kan de accountant tuchtrechtelijk worden aangesproken als hij/zij/hen beroepsvaardigheden inzet voor bijvoorbeeld een vriendendienst.

De beroepsregels

De regels voor accountant zijn vooral beginselen die zo nodig nader worden ingevuld door vaktechnische regels. In de Verordening Gedrags- en Beroepsregels Accountants (VGBA) staan vijf fundamentele beginselen:

·        professionaliteit;

·        integriteit;

·        objectiviteit;

·        vakbekwaamheid en zorgvuldigheid; en

·        vertrouwelijkheid.

Hoe accountants die beginselen moeten invullen, hangt vaak af van de omstandigheden van het geval. Invulling gebeurd aan de hand van NVCOS, Praktijkhandreikingen, Leidraden etc.

De tuchtrechter

Een tuchtrechter wordt nogal eens gezien als een slager die zijn eigen vlees keurt. Maar sinds de invoering van de nieuwe tuchtrechtspraak in 2009 vormen de onafhankelijke, professionele rechters de meerderheid in de tuchtcolleges. In eerste instantie oordeelt de Accountantskamer in Zwolle over de tuchtklacht. De kamer bestaat uit drie professionele rechters: een voorzitter en twee ‘bijzitters’. Verder oordelen een accountant en/of terzakekundige over de zaak.

De kamer gaat uit van het klaagschrift dat de klager heeft ingediend en haalt er geen zaken bij waarover niet wordt geklaagd. Tegenover het klaagschrift staat het verweerschrift van de accountant. De klager en de accountant lichten hun standpunten toe op de zitting. Als de accountant een verwijt overtuigend tegenspreekt, vindt de Accountantskamer dat verwijt ‘niet aannemelijk’ en de klacht op dat punt ongegrond. De Accountant kan getuigen oproepen en deskundigen inschakelen, maar doet dat in de praktijk zelden.

Als een ontevreden klager of accountant in hoger beroep gaat, komt deze terecht bij het College van Beroep voor het bedrijfsleven in Den Haag. Het College kijkt aan de hand van de voorgelegde feiten en argumenten of de beslissing van de Accountantskamer juist is. Bij het college oordelen alleen professionele rechters over de zaak en worden geen accountants betrokken bij de beoordeling. Het oordeel van het College is definitief; daarna zijn er geen mogelijkheden meer om de beslissing aan te vechten.

De spelregels voor de tuchtrechtspraak zijn te vinden in de Wet tuchtrechtspraak accountantsberoep (Wtra). In de wet staat bijvoorbeeld wie er kan klagen en welke maatregelen de tuchtrechter kan opleggen.

Wie kan er klagen?

Op veel rechtsgebieden moet je belanghebbende zijn om een klacht in te dienen en een procedure aan te spannen. Je moet met andere woorden gedupeerd zijn door het handelen of nalaten van de beroepsbeoefenaar. Tegen accountants kan echter ‘een ieder’ een klacht indienen. De bedoeling van het accountantstuchtrecht is de kwaliteit van de beroepsuitoefening te bevorderen. Daarom is de drempel voor klachten met opzet laag.

Iedereen kan dus klagen en je hebt niet per se een advocaat nodig om een klacht in te dienen. Voorwaarde is wel dat je bij het indienen 70 euro aan griffierechten betaalt en dat je niet te laat bent. Vanaf het moment van de verweten gedraging heb je tien jaar de tijd om een klacht in te dienen. Als die termijn verstreken is, wordt de klacht ‘niet-ontvankelijk’ verklaard en dus niet meer inhoudelijk behandeld. Datzelfde geldt voor een tweede klacht over hetzelfde feit.

In de praktijk zijn het vooral opdrachtgevers, de tegenpartij van opdrachtgevers en toezichthouders die klachten indienen. En niet te vergeten de NBA zelf. De NBA klaagt vooral accountants aan die hun kwaliteitsstelsel niet op orde hebben en/of die onvoldoende hebben gedaan aan permanente educatie (PE). Verder kan de NBA een accountant aanklagen als die strafrechtelijk is veroordeeld. Het kan echter jaren duren, voordat een veroordeling definitief is. Soms vraagt de NBA de tuchtrechter daarom alvast de inschrijving van de accountant tijdelijk door te halen bij wijze van voorlopige maatregel.

Het komt ook voor dat het Openbaar Ministerie een accountant strafrechtelijk vervolgt én tuchtrechtelijk aanklaagt. Een tuchtprocedure is namelijk de snelste manier om een rotte appel uit de mand te halen. Als accountants steken lijken te hebben laten vallen bij wettelijke controles dient de Autoriteit Financiële Markten een tuchtklacht in. De AFM kan veel informatie vergaren over een zaak. De NBA heeft minder bevoegdheden en minder onderzoekscapaciteit. Behalve als het om het kwaliteitsstelsel en PE-zaken gaat.

De NBA en grote accountantskantoren voeren geen actief handhavingsbeleid. Daarom pleitte de Parlementaire Onderzoeks Commissie Bouwnijverheid – die in 2002 kartelafspraken bij aanbestedingen onder de loep nam – voor de invoering van een openbaar aanklager voor het accountantsberoep, die goed wordt toegerust en zo nodig vooronderzoek doet in tuchtzaken. In 2013 herhaalde de voorzitter van de Accountantskamer dit pleidooi, omdat er geen klachten binnenkwamen over interne accountants en overheidsaccountants. In 2021 is die situatie nog steeds zo. We weten dus niet of deze groep accountants zich inderdaad netjes gedraagt dan wel dat niemand er voldoende belang bij heeft een klacht tegen hen in te dienen.

Maatregelen

Als de klacht (gedeeltelijk) gegrond wordt verklaard kan de tuchtrechter een ‘maatregel’ opleggen. Die tik op de vingers komt in het gunstigste geval – althans voor de accountant – neer op een waarschuwing. Is de schending van één of meer beginselen ernstiger dan volgt een berisping. De Accountantskamer kan ook een geldboete opleggen. In de praktijk gebeurt dat vrijwel uitsluitend als accountants te weinig PE-punten hebben gehaald en dus onvoldoende hebben gedaan aan permanente educatie. De boetes daarvoor kunnen flink oplopen. Eind 2020 deelde de kamer zelfs een boete van 8300 euro uit.

Maar wat als je die boete niet betaalt? Dan word je als rotte appel voor zes maanden uit de mand gegooid. In tuchtrechtelijke termen: de inschrijving van de accountant wordt tijdelijk doorgehaald voor zes maanden. De kamer kan een tijdelijke doorhaling van maximaal drie jaar opleggen. Na afloop van die termijn kan de accountant weer gewoon aan het werk. Dat is niet zo bij een ‘gewone’ doorhaling. Dan zal de accountant zich opnieuw moeten inschrijven in het accountantsregister en kan de NBA de nieren van de gewezen zondaar proeven. Vaak verbindt de tuchtrechter ook aan de gewone doorhaling een termijn. Binnen die termijn mag de accountant zich dan niet opnieuw inschrijven in het register. De maximale duur van zo’n herinschrijvingsverbod is tien jaar.

De tuchtrechter kan de accountant geen schadevergoeding laten betalen aan de klager. Daarvoor zal de klager naar de civiele rechter moeten.

Aansprakelijkheid

Er wordt vaak gezegd dat een tuchtprocedure de opmaat is naar een civiele procedure waarin schadevergoeding wordt geëist en soms ook wordt toegewezen. Bij omvangrijke wettelijke controles is die bewering vaak juist. Zo lopen er eind 2021 verschillende tuchtprocedures tegen de accountants die de boeken van Imtech goedkeurden. Met een tuchtrechtelijke veroordeling hopen de curatoren van Imtech hun schadeclaim tegen het accountantskantoor gemakkelijker te kunnen onderbouwen.

De gedachtegang hierbij is als volgt. Wanneer je niet de opdrachtgever bent van de accountant kun je alleen een schadevergoeding claimen op grond van onrechtmatige daad. Een daad is onrechtmatig als iemand niet de zorgvuldigheid in acht heeft genomen die in het maatschappelijk verkeer betaamt. Een accountant die zich niet aan zijn eigen beroepsregels houdt, handelt maatschappelijk onzorgvuldig.

Daarmee is echter niet gezegd dat je altijd de schade moet vergoeden na een tuchtrechtelijke veroordeling. De civiele rechter kijkt namelijk of de accountant ook onzorgvuldig heeft gehandeld tegenover de klager, of de klager überhaupt wel schade heeft geleden en zo ja, of die schade is veroorzaakt door het onzorgvuldig handelen van de accountant.

Uitspraken

De accountantstuchtrechtspraak is openbaar. Elke burger kan dus een zitting bijwonen van de tuchtrechter in Zwolle (Accountantskamer) of Den Haag (College van Beroep voor het bedrijfsleven). In principe worden alle uitspraken online gepubliceerd. De uitspraken zijn in beginsel anoniem. In uitzonderlijke gevallen wordt de naam van klager vermeld of die van het kantoor waaraan de accountant is verbonden.

De Nederlandse Beroepsorganisatie voor Accountants (NBA) ziet de tuchtrechtspraak als een belangrijke bron van kennis voor een goede beroepsuitoefening. Sinds 9 juli 2010 publiceert Accountant.nl van het merendeel van de tuchtrechtuitspraken samenvattingen en annotaties in voor niet-juristen begrijpelijke taal. De samenvattingen zijn een neutrale weergave van de feiten en het oordeel dat de tuchtrechter daarover velt. De annotaties bevatten een ultrakorte weergave van de feiten en de belangrijkste lessen uit de uitspraak.

De NBA heeft twee boeken uitgegeven die hoofdzakelijk zijn gebaseerd op tuchtrechtspraak. ‘Uitglijders’ bevat de belangrijkste lessen uit het accountantstuchtrecht aan de hand van veertien thema’s uit de praktijk. ‘Rode Vlaggen’ geeft aan de hand van (tucht)rechtspraak aan hoe je als accontant fraude-, witwas- en terrosrismefinancieringssignalen kunt herkennen: de rode vlaggen. De groene vlaggen uit het boek geven de best practices weer. Beide boeken zijn online te raadplegen.

Accountantstuchtrecht in cijfers

Het jaarverslag 2020 van de Accountantskamer geeft een goede cijfermatige indruk van het accountantstuchtrecht. In dat jaar kwamen er 176 nieuwe klachten binnen. De Accountantskamer deed 148 uitspraken over ‘gewone’ tuchtklachten en 67 uitspraken in PE-zaken. Van de gewone klachten waren er 45 gegrond en en 61 ongegrond; over de resterende 42 is om diverse redenen geen inhoudelijke uitspraak gedaan.

Volgens de Accountantskamer ging het bij de 148 zaken in veruit de meeste gevallen om een (vermeende) schending van het fundamentele beginsel van vakbekwaamheid en zorgvuldigheid (115 x). Daarna volgen de fundamentele beginselen van integriteit ( 12 x), objectiviteit (7 x), vertrouwelijkheid (7 x) en professioneel gedrag (2 x). Drie klachten vielen niet onder één van de beginselen te scharen.

Dat het in slechts 7 gevallen om een (vermeende) schending van het objectiviteitsbeginsel zou gaan, kan best juist zijn. Maar als je naar twaalf jaar tuchtrecht kijkt, krijg je de indruk dat – als accountants in de fout gaan – dat in de meerderheid van de gevallen is, omdat zij te veel partij hebben gekozen voor degene die hun factuur betaalt. Daardoor zijn zij niet scherp, niet professioneel-kritisch genoeg, hebben zij te weinig oog voor andere belangen dan die van hun cliënt, of geven zij de cliënt te gemakkelijk het voordeel van de twijfel.

In de 45 zaken dat de klacht gegrond was, werd zestien keer een waarschuwing opgelegd, veertien keer een berisping, negen keer een tijdelijke doorhaling (variërend van twee weken tot drie maanden), vijf keer een doorhaling (twee van anderhalf en drie van tien jaar). Eén keer legde de Accountantskamer zowel een boete als een doorhaling (van drie jaar) op.

Het College van Beroep voor het bedrijfsleven deed in 2020 vijftien keer uitspraak. In de meeste gevallen (9) is het hoger beroep ongegrond en blijft de beslissing van de Accountantskamer dus intact. In slechts twee gevallen was het College het niet eens met de kamer en in nog eens twee gevallen gedeeltelijk oneens. In de resterende twee gevallen was het beroep niet-ontvankelijk en werd het dus niet inhoudelijk behandeld.

De NBA diende veruit de meeste klachten in (73, waarvan 68 keer over PE). Verder viel de AFM op met drie klachten en het OM met (slechts) eentje.

Samenvattend: los van de PE-zaken velt de tuchtrechter jaarlijks over ongeveer 150 klachten een oordeel. Iets minder dan een derde van de klachten is gegrond (30 %). Negen van de tien uitspraken van de Accountantskamer zijn definitief, met dien verstande dat de klager noch de accountant in hoger beroep gaat.

Referenties

Almelo, Lex van, Openbaar aanklager?, Accountant magazine, nr. 6/2021.

Almelo, Lex van, Rode Vlaggen (zie ook ‘Externe links’)

Almelo, Lex van, Uitglijders (zie ook ‘Externe links’)

Blokdijk, Hans & Jan Achten, Tuchtrechtspraak voor accountants, IFO, Amersfoort 2011.

Herregodts, R. L., Gemeenschappelijke normen voor vertrouwensberoepen: Tuchtrechtelijke uitspraken over de tuchtnormen voor accountants, advocaten en artsen. [Groningen]: Rijksuniversiteit Groningen, 2019.